artikelen
   

>  STARTPAGINA
>  ARTIKELEN

BACH in SPIEGELBEELD
(21 november 2009)

Op vrijdag 27 november
aanstaande presenteren de
gebroeders Euwe en Sybolt
de Jong alweer hun vierde
CD met vierhandige
bewerkingen van
cantategedeeltes van
Johann Sebastian Bach.
Dat doen ze met een
concert in samenwerking
met Vocaal Ensemble ‘The
Gents’ in de Martinikerk in
Groningen, daar waar de
CD ook is opgenomen.
Een mooie aanleiding voor
een gesprek met Euwe.

Euwe (1956) en Sybolt (1961) groeiden op in het Groningerland. Hun vader was
predikant in Appingedam, en later in Veendam. In de zestiger jaren kocht pa een oud
harmonium bij een oom in Drachten. Diens zoon kon, slechts gebruik makend van zijn
wijsvinger, ‘Stille Nacht’ spelen. “Dat wilde ik ook!” vertelt Euwe. Hij ging op orgelles, bij
Piet Wiersma (“Ik leerde zelfs met tien vingers spelen!”) en werd vervolgens student aan
het Groninger Conservatorium.
Bij Sybolt ging het ongeveer net zo.

Deel IV
De CD wordt alweer deel vier in de serie. Het gaat maar door.
Is dit de laatste, of staan er nog meer op stapel?
“Uiteindelijk maken we zes delen. Deel IV en V zijn thema CD’s. Daarop komen
cantatedelen uit de Kerst- en Paaskring. Deel IV is opgenomen in de Martinikerk in
Groningen, deel V doen we daar ook. De Paas CD verschijnt in 2011. Tussendoor, in
het voorjaar van 2010, nemen we een vierhandige Mendelssohn CD op in de Oude
Kerk van Delft.”
Ik begrijp dat Sybolt de man is die de arrangementen maakt.
“Sybolt doet dat inderdaad. In zijn eentje. Hij heeft inmiddels erg veel ervaring en weet
precies hoe de Bachse muzikale lijntjes het best op een orgel tot hun recht komen. Als
de arrangementen klaar zijn schaven we ze aan het orgel bij. Belangrijk is dat we
elkaar niet in de wielen rijden, of beter gezegd vingers snijden…. Niets is vervelender
dan elkaar steeds ‘te raken’. Daardoor raak je uit balans en ben je geneigd de ander
een dreun te verkopen. Maar meestal omzeilt Sybolt dat handig.
Voor de concerten op twee-manualige orgels maakt hij weer aparte arrangementen.
Het is trouwens soms niet eenvoudig om alles te spelen. Bij een van de stukken op het
vierde deel moest Sybolt staande spelen, anders was het niet te doen!”

Deze vierde CD is opgenomen op het orgel van de Martinikerk in Groningen,
De presentatie is daar ook, maar ik zie ook concerten in Alkmaar, Leeuwarden en
Utrecht. Kan ik daaruit concluderen dat het niet zoveel uitmaakt op welk orgel je speelt?
Marcussen in Utrecht is toch heel wat anders dan de Martinikerk…
“Omdat Bach een grote hoeveelheid lijnen componeert kunnen de arrangementen
eigenlijk alleen op grote orgels met minimaal drie klavieren optimaal worden
uitgevoerd. Bij voorkeur orgels uit de achttiende eeuw, of moderne orgels gemaakt
vanuit een oud concept. De orgels waar we het doen voldoen allemaal aan deze
criteria. Maar het mooiste orgel staat toch echt in Groningen. Je hoort wel eens
zeggen: ‘eerst Napels zien en dan sterven’. Verander dat ‘Napels’ maar in ‘Groningen’
en ‘zien’ in ‘horen’...

Keuze
Is de keuze van de cantategedeelten niet lastig? En wordt dat niet steeds lastiger?
Ik kan me voorstellen dat je de mooiste stukken nou wel gehad hebt. Ik bedoel: komen
we langzamerhand niet toe aan de wat mindere muziekjes?
“Nou, dat dachten wij ook! Maar er is zo ontzettend veel! Een Franse journalist die onze
CD’s heeft gerecenseerd vergeleek het met ‘het delven van schatten in een
mijnschacht’. Vooral in de zomermaanden vlooien we de cantates – ik heb ze allemaal
in diverse uitvoeringen op een IPod staan – door op zoek naar geschikt materiaal. We
hebben meer dan genoeg voor zes CD’s.
En mindere muziekjes? Die zijn we nog niet tegengekomen. Ik hoorde een tijdje terug,
voor het eerst in mijn leven, de sopraanaria uit cantate 68…. Echt fantastisch! Sybolt
heeft het stuk vorige week bewerkt en we spelen het op de komende concerten met
‘The Gents’.”

Hoe doe je dat trouwens, opnemen in de Martinikerk, met al dat stadslawaai er omheen?
“Dat kan alleen maar laat in de avond en ‘s nachts. Alleen dan ligt het busverkeer
vrijwel stil. Maar dat is niet het enige: het feest- en lawaaihuis van de studenten van
Vindicat grenst zo’n beetje aan de Martinikerk. Zo rond middernacht komt het
studentenleven goed op gang. We hebben de avond voorafgaand aan de opname de
preses der Vindicaters opgebeld met de mededeling dat we een orgel CD gingen
opnemen en dat het best zou kunnen dat ze daar flink last van zouden kunnen krijgen.
Een orgel kan namelijk knap hard.
‘Interessant,’ zei de preses met bijbehorende wollige toon, ‘een orrgggelllll, nou ik denk
dat u meer last van ons hebt dan andersom. Als het te lawaaiig wordt belt u maar even
hoorrrr’.
En inderdaad, de volgende nacht, een uur of twee, barst de dreunende discoherrie los,
midden in een bevallige aria. Maar één telefoontje was voldoende om de lawaaiwolk te
stoppen…”

Presentatie
De CD wordt gepresenteerd in de Martinikerk in Groningen. Bij de presentatie, en ook
bij de andere concerte, doen ‘The Gents’ mee.
Hoe komen jullie zo bij elkaar terecht?
“Eigenlijk staan die concerten met ‘The Gents’ los van deze CD. Ik ken een stuk of wat
Gentsleden uit de tijd dat ik werkte als begeleider van het Roder Jongenskoor. Het
koor treedt veel op in theaters en concertzalen en wilde graag weer eens in grote
stadskerken optreden. Onze CD’s hebben de aandacht van het management van de
club getrokken en zodoende is de samenwerking tot stand gekomen.”
En het programma?
“Dat is  – met als titel BACH in SPIEGELBEELD – opgetrokken rond Advent en Kerst.
De stukken die we brengen zijn aan Bach gerelateerd. Zoals een werk waarin bozige
teksten van Bach – ontleend aan brieven aan kerk- en stadsbestuurders – zijn
verwerkt. Maar ook twee fantastische dubbelkorige werken van Gabrieli en Praetorius 
(inspiratiebronnen van Bach) staan op het programma. En, uiteraard, spelen we –
dejongdejong – een aantal stukken van de nieuwe CD.
Eén bijzonder stuk moet ik nog noemen: ‘Minimalbach’. In deze compositie staat het
koor verspreid in de kerk opgesteld. Dat levert in combinatie met het orgel, prachtige
akoestische klanken op!”

Recensies
Je hebt altijd mensen die zeggen dat het niet kan, Bach bewerken. Die vinden dat je er
naar moet er naar streven stilistisch zo verantwoord mogelijk muziek te maken. Waar ligt
de grens wat jou betreft?
“We krijgen erg veel reacties van diverse snit uit binnen- en buitenland. Hier en daar
wat zuur, vaak lovend. Als het hout snijdt zijn we er blij mee. Al blijven we onze eigen
gang gaan…
Maarten ’t Hart – hij volgt ons project met belangstelling – schreef laatst in een mail: ‘Ik
ben u zeer dankbaar dat deze prachtige muziek is verlost van die zware teksten’. Hij
doelde op teksten als bijvoorbeeld ‘Meine Herze schwimmt im Blut’…
Voor ons is de grens heel duidelijk: zodra we noten moeten laten vallen gaat het niet
door! Geen gerommel met Bach. Sommige delen zijn zo complex dat je zeker vier
klavieren en drie organisten tot je beschikking moet hebben om het uit te voeren. Daar
houdt het op. Ook een organisch stuk als de Matthäus Passion laten we ongemoeid.
Op de vijfde CD komt overigens wel een arrangement van een stuk uit de Matthäus.
Een aria die Bach van zichzelf heeft geleend: hij komt voor in een cantate en is later
toegevoegd aan de Matthäus Passion.”

Eigenlijk zou je kunnen zeggen dat jullie wel wat lijken op meneer Bach.
Hij maakte zelf ook nogal eens nieuwe bewerkingen van zijn eigen muziek,
en die van anderen…
“Ja… Bach was een groot kunstenaar! Maar óók een handige ritselaar…”

Kees Steketee

Euwe de Jong, Sybolt de Jong en ‘The Gents’
Vrijdag 27 november, Groningen, Martinikerk
Zaterdag 28 november, Leeuwarden, Grote Kerk
Vrijdag 11 december, Alkmaar, Laurenskerk
Zaterdag 12 december, Utrecht, Nicolaikerk

Zie, voor heel veel informatie, ook: www.dejongdejong.nl

>  STARTPAGINA
>  ARTIKELEN